Met De Ronde van Vlaanderen staat de grootste koers van het voorjaar weer op het programma. Wie wint straks de strijd om Vlaanderen? Er zijn twee absolute topfavorieten met Tadej Pogacar en Mathieu van der Poel. Die laatste kan ook het record van vier zeges pakken. Waarom zal dat zondag al lukken?
Voor het record
Want uiteraard heeft de Nederlander nog wel enkele jaren tijd om tot minstens vier zeges te komen. Hij zal er evenwel niet mee willen wachten om dat effectief te bewerkstelligen. Al heeft hij dan al meerdere keren aangegegeven niet met dat record bezig te zijn. “Ik wil gewoon De Ronde van Vlaanderen winnen, dan komt het record automatisch.”
Zuivere logica dus, al zal hij het komende zondag zeker niet cadeau krijgen. Met Pogacar krijgt hij de strafste renner op deze planeet tegenover zich als concurrent, twee jaar geleden mocht Van der Poel al ondervinden dat hem volgen zeker geen sinecure is. Maar voor dit jaar ziet het er toch bijzonder goed uit. Wij zochten en vonden drie redenen waarom. Onze analist Peter Van Petegem zet hem alvast op één.De perfecte match
Omdat deze wedstrijd wel voor Van der Poel lijkt uitgetekend bijvoorbeeld. Ook dat gaf hij zelf al meermaals aan. De Ronde van Vlaanderen in de vorm zoals ze nu is, is een wedstrijd waarin de voormalige wereldkampioen al zijn sterkste troeven naar boven kan halen. Explosieve hellingen waarin daartussen ook flink tempo kan worden gemaakt.
Ook het technische aspect komt hier sterk naar boven, al kan dat uiteraard over meerdere (Vlaamse) klassiekers worden gezegd. Hoe dan ook: de resultaten spreken voor zich. Bij zijn vorige zes deelnames tuimelde hij bijna nooit uit de top twee. Enkel bij zijn eerste deelname in 2019 werd hij ‘maar’ vierde, ook te danken aan een valpartij. Voorts: 1ste, 2de, 1ste, 2de, 1ste. Daar hoeft verder geen uitleg meer bij.
Beste MVDP ooit
Komt daar dan nog eens bij dat deze Van der Poel zowaar – nog maar eens, zou je denken – in de beste vorm van zijn carrière verkeert. Zoveel konden we al zien in de vorige wedstrijden. Bij zijn ultieme deelname aan Le Samyn rekende hij spelenderwijs en schijnbaar kinderlijk gemakkelijk af met de concurrentie. Een voorproevertje voor wat nog moest komen.
In Milaan-San Remo was de concurrentie uiteraard - daar is die dekselse Pogacar weer – van een hoger niveau, maar dat kon Van der Poel allemaal niet deren. De Sloveen tartte de wetten van La Primavera en vertrok al op de Cipressa, maar van de Nederlander geraakte hij niet af. Ook niet op de Poggio waar Van der Poel zelfs nog even ging aanvallen. Uiteindelijk won hij daar de sprint op meesterlijke wijze.
Vervolgens kwam de E3 Saxo Classic, ook wel de ‘mini-Ronde van Vlaanderen’ genoemd. Als we dan moeten afgaan op zondag is dit misschien wel de beste referentie. Ook in Harelbeke was Van der Poel alweer heer en meester, toppers als Pedersen en Ganna beten hun tanden stuk in de achtervolging.
De snelste
Dan is Pogacar uiteraard nog van een ander niveau, ervan uitgaande dat het toch een strijd zal worden tussen die twee. Maar deze Van der Poel lossen op laatste keer Oude Kwaremont of Paterberg, dat wordt toch een ander paar mouwen. En indien dit niet lukt zit de huidige wereldkampioen andermaal met een huizenhoog probleem.
Want in de sprint is Van der Poel normaliter de snelste van de twee, al is Pogacar zeker geen strijkijzer. In San Remo bewees hij echter nog maar dat hij over de grootste versnelling beschikt. Dat was ook al het geval in de E3 van 2023, toen Wout van Aert won in de sprint. Van der Poel werd toen tweede… voor Pogacar.